Meer dan de helft van de opgegeten vissen op koraalriffen zijn kleine, moeilijk terug te vinden visjes. Dat is de conclusie van een nieuw internationaal onderzoek.
De ontdekking toont aan hoe belangrijk kleine vissoorten zoals Ecsenius stictus zijn voor koraalriffen. Hoewel ze zich constant proberen te verbergen, zijn het net zij die het vaakst worden opgegeten.
Zestig procent van het vlees dat opgegeten wordt door grotere vissen en andere roofdieren komt van deze schuchtere diertjes. Dat ze nog niet uitgeroeid zijn, komt door hun snelle voortplantingsproces.
Gevaarlijke reis
Jonge visjes blijven bovendien dicht bij het rif van de ouders, zo blijkt uit data die tientallen jaren teruggaan. Die data kijken welke soorten vissenlarven waar gevangen worden. Hierdoor groeien ze vaak erg snel op.
Grotere vissoorten maken dan weer langere, meer gevaarlijke reizen door open water. Dit komt hun aantallen niet ten goede.
De rol van kleine visjes is “erg belangrijk”, weet Deron Burkepile, een ecologist aan de universiteit van Californië. “We hebben deze kleine soorten niet genoeg aandacht gegeven.” De ontdekking toont aan hoe elk dier op de koraalriffen een belangrijke rol heeft te spelen.
