U heeft een bijzonder groot aquarium of duikt wel eens in de Indo-Pacifische oceaan? Dan kunt u één van de grootste trekkers wel eens tegenkomen: de blauwvintrekkersvis. Zo overleeft u het.
Balistoides viridescens is een bijzonder grote trekkersvis. Met zijn 75 centimeter is hij echter niet dé grootste. Die eer gaat naar Pseudobalistes naufragium. Niettemin is de blauwvintrekkersvis een geduchte tegenstander, én de grootste van zijn soort in zijn leefgebied.
U zult hem evenwel niet gauw in het aquarium aantreffen. Duikers kunnen echter wel een glimp van hem opvangen. Hij leeft immers op een diepte tot vijftig meter, en is terug te vinden in de Indo-Pacifische Oceaan. Daar voedt hij zich met zee-egels, krabben, koraal en andere ongewervelden.
Een veilig nestje
Wilde vissen zijn bijna altijd verschrikt wanneer ze duikers tegenkomen. Maar een broedende blauwvintrekkersvis kan helemaal anders uit de hoek komen.
Door water uit te blazen richting het zand creëren ze een klein kuiltje. Dat nestje wordt de achtergrond van een patrouillerende moeder. Een duiker die in het territorium terecht komt, zal begroet worden door een woeste, 75 centimeter grote vis.
Giftig
Dat tafereel – denk duikers met wild zwaaiende armen – kan komisch overkomen. Toch is de aanval niet weg te lachen. De dieren hebben behoorlijk grote tanden en kunnen ciguatera bevatten. Dat is een gif dat dankzij algen in de voedselketen terecht komt en maag-, darm- en neurologische klachten veroorzaakt.
Er is echter een manier om de aanval te ontwijken. Omdat de dieren hun territorium beschouwen als een omgedraaide kegel, moet de onfortuinlijke duiker niet naar boven zwemmen – een natuurlijke reactie – maar een beetje naar beneden en opzij. Zo zal de vis snel terugkeren naar zijn nest, en de duiker naar het café.
