Zeventien jaar geleden zorgde een hittegolf voor een wereldwijde sterfte van koralen. Frans-Polynesië werd erg getroffen. Marine bioloog Peter Mumby was dan ook erg verbaasd toen hij bij een recente duik een tapijt van gezonde koralen zag.
Riffen zijn veerkrachtiger dan we denken © SportdiverDe koralen van de Rangiroa lagune zouden wit moeten zijn. Maar dat zijn ze niet. Bioloog Peter Mumby vond tijdens zijn duik een gezond rif terug. Vreemd, want het rif was enkele jaren voordien nog het slachtoffer geworden van El Niño, de warme fase van de duale temperatuurwisseling van het zeewater.
Door de hogere temperatuur van het zeewater stierven miljoenen koralen af, tot zestien percent van de wereldpopulatie. Wetenschappers verwachtten dat de riffen pas hersteld zouden zijn in 2098, honderd jaar na de feiten.
Miraculeuze groei
Groot was dan ook de verbazing toen bleek dat het rif al na vijftien jaar een sterke groei kent. Onderzoekers spreken van het Feniks-effect, een verwijzing naar de mythologische vogel die telkens terug tot leven komt.
Wetenschappers geloven nu dat koralen niet altijd helemaal sterven. Kleine stukjes weefsel blijven diep in het koraalskelet leven, waardoor ze bij gunstige omstandigheden zichzelf snel kunnen herstellen.
Normaal groeien koralen met enkele centimeters per jaar. De Porites sp. waarvan de onderzoekers hier gewag maken, groeit met slechts één centimeter per jaar.
De afgestorven koralen hebben echter een voorsprong: hun skelet hebben ze al. Hierdoor kunnen resterende weefsels zich snel ontwikkelen eens ze aan de oppervlakte van het skelet komen.
Dit hele verhaal laat zien dat de natuur niet zo snel verslagen is als we vaak geloven. Het loont dus misschien wel de moeite om dat dood koraal toch nog even bij te houden.
