Vincent van Quickenborne, minister van de Noordzee (Open Vld) wil alle scheepswrakken in het Belgisch deel van de Noordzee erkennen als cultureel erfgoed onder water. Momenteel zijn er slechts 11 wrakken met die status. Een wetsvoorstel werd ingediend.
Met slechts 11 beschermde wrakken uit zo’n 280-tal is er nog heel wat werk te verzetten. Onder andere de West-Hinder, de SS Kilmore en ’t Vliegent Hert zijn momenteel erkend. Een nieuwe wet moet meteen alle resterende wrakken in het Belgisch deel van de Noordzee dezelfde bescherming geven.
Van Quickenborne dient nu een nieuwe wet in die stelt dat alles wat honderd jaar of meer onder water ligt én cultureel, historisch of archeologisch van aard is, automatisch beschermd wordt als erfgoed.
Daarmee worden de wrakken beschermd tegen werkzaamheden, sleepvissen of het uitwerpen van ankers in hun nabijheid. Het directoraat-generaal Scheepvaart zal samen met de scheepvaartpolitie, douane en defensie toezien op de naleving van de wet.
Opleving van gezonken erfgoed
Wetenschappers brachten het voorbije jaar 55 wrakken in kaart. Door het verzamelen van informatie over de huidige toestand en het zeeleven dat in de buurt aanwezig is, samen met historisch onderzoek, proberen ze meer inzicht in de toestand van de Noordzeewrakken te krijgen.
Minister van Quickenborne wil zoveel mogelijk mensen laten kennismaken met de diepste geheimen van de Noordzee. In de zomer begint daarom een gelijknamige campagne die de onderzoeksrapporten van de wetenschappers openbaar maakt. Wrakduiken krijgt ook promotie. Diverse duikverenigingen werken samen met de campagne om de sport onder de aandacht te brengen.
