Wetenschappers ontdekken dagelijks nieuwe diersoorten. In de onderwaterwereld loopt dit aantal zelfs op tot veertien per uur. De diepzee is één van de laatste onontgonnen gebieden van de wereld.
De Curasub, een duikbootje van het Smithsonian Institution, kan tot 300 meter diep duiken © Barry B. BrownDe duikers van de California Academy of Sciences zijn speciaal uitgerust om tot dieptes van zestig tot honderdvijftig meter af te dalen. Daar komen ze met de regelmaat van de klok nieuwe diersoorten tegen. Deze twilight zone is tegelijkertijd één van de armste en rijkste gebieden ter wereld.
Tijdens de duikexpedities filmen de duikers hun nog levende vangsten. Dankzij rebreather duikuitrusting is het mogelijk om langer onderwater te blijven. Storende zuurstofbubbels zijn bovendien afwezig, wat de harmonie van de diepzee bewaart.
Om terug naar boven te komen ondergaan de duikers een tergend traag proces van decompressie. Dit kan tot meer dan vier uur in beslag nemen.
De wetenschappers vormen de voorhoede van de mensheid. Dankzij hun inzet leren we dagelijks bij over de prachtige ecosystemen die onze wereld rijk is. Het blijft ons verbazen hoe veel er nog te ontdekken valt, en we hopen dat dit nog lang zo mag blijven.
