Wetenschappers die proberen om de gezondheid van de wereldwijde koraalriffen in kaart te brengen worden in verlegenheid gebracht door… algen. Die begroeien immers de dode skeletten van koralen, waardoor de meetapparatuur van de wetenschappers het onderscheid tussen gezond koraal en dood koraal niet meer kan maken. Een nieuwe methode dringt zich op.
Nieuw onderzoek toont aan dat koraalriffen die overgenomen worden door algen veelal nog als gezond bestempeld worden door de huidige methode om de gezondheid van koraalriffen te meten. Die steunt immers op het meten van de productie van calciumcarbonaat. Dat is de bouwsteen van koraalriffen – koralen produceren het om te groeien, en doen dat dag en nacht. Hoe meer calciumcarbonaat, hoe gezonder het koraalrif.
Wetenschappers van Nova Southeastern University, het Scripps Institution of Oceanography, de University of Queensland en de University of North Carolina Wilmington ontdekken echter dat algen diezelfde processen doormaken, maar gelimiteerd. Algen die steeds vaker voorkomen op koraalriffen, en ze zelfs volledig overwoekeren, produceren ook calciumcarbonaat overdag. Het grote verschil is echter dat de algen dit proces ’s nachts stopzetten, en de opgebouwde afzettingen terug verliezen.
Dat betekent dat onderzoekers die enkel overdag de calciumcarbonaatwaarden meten in de maling genomen worden. “Lang werd gedacht dat het meten van calciumcarbonaatproductie direct verbonden kan worden aan de gezondheid van een koraalrif,” vertelt onderzoeker Romanó de Orte. “Onze bevindingen tonen echter dat het moeilijker wordt om op deze beproefde methode te vertrouwen.”
Een nieuwe methode om de gezondheid van koraalriffen te monitoren dringt zich dus op. Wat die precies inhoudt, is nog niet geweten. Mogelijk zit er heil in het massaal tellen van koraalkolonies, zoals de studie waarvan de resultaten eerder deze maand bekend gemaakt werden.
